De vraag naar strategische adviseurs op het gebied van publieke gezondheid neemt flink toe. Gemeenten, GGD'en en regionale samenwerkingsverbanden worstelen met complexe vraagstukken rond preventie, zorgtoegankelijkheid en gezondheidsachterstanden. Dat leidt tot een groeiende markt voor consultants die de brug kunnen slaan tussen beleid, uitvoering en wetenschappelijke inzichten.
De publieke gezondheidszorg bevindt zich in een spagaat. Enerzijds neemt de druk op het stelsel toe door vergrijzing, personeelstekorten en stijgende zorgkosten. Anderzijds verschuift de focus van curatieve naar preventieve zorg, waarbij gemeenten een belangrijke regierol krijgen toebedeeld. Die combinatie vraagt om strategisch denkvermogen dat lang niet altijd in huis is bij lokale overheden.
Voor consultancybureaus ontstaat hier een interessante kans. Waar gemeenten jarenlang vooral inzetten op uitvoerende capaciteit, blijkt nu behoefte aan strategische adviseurs die complexe gezondheidsopgaven kunnen doorgronden. Het gaat om vraagstukken die raken aan maatschappelijke ongelijkheid, jeugdgezondheidszorg, mentale problematiek en leefstijlinterventies. Dat vergt kennis van epidemiologie, beleidsprocessen en organisatieontwikkeling tegelijk.
De markt voor dit type advieswerk verschilt wezenlijk van traditionele overheidsconsultancy. Publieke gezondheid is geen standaard reorganisatievraagstuk dat met beproefde methodieken kan worden aangepakt. Het vraagt om adviseurs die durven bewegen tussen harde cijfers en zachte waarden, tussen centrale sturing en lokale maatwerk. De beste consultants op dit terrein combineren inhoudelijke expertise met procesmanagement en politieke sensitiviteit.
Opvallend is dat zowel grote consultancybureaus als gespecialiseerde boutique-adviesbureaus zich op dit werkterrein begeven. De grote bureaus zetten vooral in op brede transformatievraagstukken, waarbij publieke gezondheid onderdeel is van integrale gemeentelijke hervorming. Kleinere spelers richten zich meer op nichevraagstukken zoals gezondheidsbevordering bij kwetsbare groepen of data-analyse voor preventiebeleid.
Voor zelfstandige adviseurs ligt hier ook terrein braak. Veel voormalige beleidsmakers en GGD-professionals maken de overstap naar een zelfstandige praktijk. Ze brengen domeinkennis en netwerk mee, maar moeten leren denken als ondernemer. De vraag is stabiel, maar de markt is nog relatief klein vergeleken met sectoren als digitalisering of finance. Specialisatie loont, maar vergt ook langdurige investeringen in kennisopbouw en relatieonderhoud.
De financiering van dit advieswerk kent eigen dynamiek. Gemeenten opereren met krappe budgetten en moeten verantwoording afleggen over externe inhuur. Dat leidt soms tot spanning tussen de noodzaak van strategisch advies en de politieke weerstand tegen consultancykosten. Adviseurs die transparant kunnen werken en concrete resultaten leveren, maken meer kans op langdurige samenwerkingen.
Een ander aspect is de professionalisering van het vakgebied. Waar strategisch advies in de publieke gezondheidszorg voorheen vooral werd geleverd door academische instellingen of brancheorganisaties, zien we nu een verschuiving naar marktpartijen. Dat roept vragen op over onafhankelijkheid en kennisborging. Gemeenten worstelen met de vraag of externe adviseurs wel genoeg voeling houden met de lokale praktijk.
De verwachting is dat de vraag naar strategisch advies op dit terrein verder zal groeien. De Wet publieke gezondheid legt steeds meer taken bij gemeenten neer, terwijl de complexiteit van gezondheidsvraagstukken toeneemt. Klimaatadaptatie, gezondheidsimpact van wonen en mobiliteit, en gepersonaliseerde preventie vragen om nieuw denken. Consultants die hier slim op inspelen, kunnen zich verzekeren van een stabiele opdrachtenportefeuille.
Tegelijk zal de markt professionaliseren. Opdrachtgevers worden kritischer en vragen om aantoonbare meerwaarde. Het tijdperk van vrijblijvende adviezen is voorbij. Wie als strategisch adviseur wil excelleren in de publieke gezondheidszorg, moet kunnen schakelen tussen denken en doen, tussen analyse en implementatie. De vraag is niet alleen of consultants deze markt willen bedienen, maar ook of ze het niveau aankunnen dat werkelijk impact maakt.