De publieke sector is volop op zoek naar financiële adviseurs met strategisch inzicht voor het domein fysieke leefomgeving. Deze ontwikkeling weerspiegelt een fundamentele verschuiving in hoe overheden omgaan met complexe ruimtelijke vraagstukken en de financiering daarvan.
Waar gemeenten en provincies vroeger vooral uitvoerende financiële specialisten zochten, vragen ze nu naar adviseurs die op strategisch niveau kunnen meedenken. De reden is niet moeilijk te vinden. De fysieke leefomgeving staat onder druk door de energietransitie, woningnood, klimaatadaptatie en stikstofproblematiek. Al deze opgaven vereisen omvangrijke investeringen waarbij financiële afwegingen centraal staan.
Het interessante is dat overheden deze functies vaak met parttime uren invullen, zoals de recente vacature voor 36 uur per week laat zien. Dit wijst op een bewuste keuze om externe expertise binnen te halen zonder direct tot fulltime vaste aanstellingen over te gaan. Voor de consultancysector biedt dit mogelijkheden, al creëert het ook een spanningsveld tussen vast personeel en externe inhuur.
De vraag naar dit type profielen komt niet uit de lucht vallen. Gemeenten worstelen met de financiële haalbaarheid van grote projecten in de fysieke leefomgeving. Ze moeten investeringsbeslissingen nemen met lange terugverdientijden, terwijl budgetten onder druk staan. Een strategisch financieel adviseur kan helpen bij het maken van fundeerde keuzes, het vinden van financieringsconstructies en het vertalen van beleidsdoelen naar realistische financiële kaders.
Voor consultancybureaus die actief zijn in de publieke sector betekent deze ontwikkeling dat er vraag is naar een specifieke mix van competenties. Het gaat niet meer alleen om technische financiële kennis, maar ook om begrip van ruimtelijke ordening, omgevingswet, duurzaamheid en maatschappelijke vraagstukken. Bureaus die deze combinatie kunnen leveren, kunnen zich onderscheiden.
Tegelijkertijd zien zelfstandige adviseurs met ervaring in zowel finance als fysieke leefomgeving hun marktwaarde toenemen. De parttime aard van veel vacatures sluit goed aan bij de werkwijze van zzp'ers, die meerdere opdrachten kunnen combineren. Wel speelt de discussie over schijnzelfstandigheid en de Wet DBA een rol bij de invulling van dit soort strategische posities.
De vraag is ook waarom overheden deze expertise niet zelf in huis hebben of ontwikkelen. Het antwoord ligt waarschijnlijk in de vergrijzing binnen de publieke sector, de krappe arbeidsmarkt en de tijdelijke aard van grote projecten. Voor een transformatie naar een duurzame energievoorziening of een grootschalig woningbouwproject kan het logisch zijn om tijdelijk strategische capaciteit in te huren, in plaats van permanent personeel aan te nemen.
Dit roept wel vragen op over kennisbehoud en continuïteit. Als strategische financiële adviseurs vooral op tijdelijke basis worden ingehuurd, hoe borgt een organisatie dan die strategische kennis voor de lange termijn? Dit is een dilemma waar veel overheden mee worstelen.
Voor de consultancymarkt betekent deze trend in elk geval dat er vraag blijft naar senior profielen die verder kijken dan spreadsheets en begrotingen. De adviseur die kan schakelen tussen financiële modellen, politieke afwegingen en maatschappelijke impact, heeft een sterke marktpositie. Bureaus die dit kunnen combineren met kennis van de omgevingswet en ruimtelijke ontwikkeling, bedienen een groeiende markt.
De verwachting is dat deze vraag alleen maar toeneemt. De opgaven in de fysieke leefomgeving worden niet kleiner, de investeringen niet minder complex en de financiële middelen niet ruimer. Overheden zullen blijvend behoefte hebben aan strategische adviseurs die hen helpen om verantwoorde keuzes te maken in dit complexe krachtenveld.